18. Verenigde Staten Juni 2013:

We verlaten Moab en rijden via piste door het La Sal Mountain State Forest, richting Gateway (Colorado). Landschappelijk heeft dit eerste stuk veel overeenkomsten met Utah maar het verandert al snel in een groen berglandschap. In Crawford proberen we wat info in te winnen van het nabij gelegen Black Canyon National Park maar het infocentrum blijkt niet meer te zijn dan een bord langs de weg. Dan maar eerst een overnachtingplaats zoeken. Het bezoek aan het park staat sowieso pas voor morgen op het programma.

Onze slaapplaats:

Cindy bezig met de administratie van die dag. Zo worden er elke dag de gereden kilometers, de uitgaven van die dag en de coördinaten van onze slaapplaats opgeschreven.

Black Canyon NP, een canyon gevormd door de Gunnison River. De rivier heeft een verval van ongeveer 20m per kilometer waardoor ze in staat was om hard gesteente weg te eroderen. De rivier vormde eerst zijn pad door zacht vulkanisch gesteente. Eens de weg gevormd was kwam ze terecht op harder kristal gesteente. Nu is de rivier afgedamd en gaat alles in een veel trager tempo. In de tijd dat ze niet afgedamd was kwam er tijdens de vloed meer dan 24.000 kubieke meter water per minuut naar beneden. Daardoor is deze canyon op vrij korte tijd (2 Miljoen jaar) zo diep kunnen doordringen. Deze canyon kun je langs twee kanten bezoeken. Wij kiezen voor de noordzijde omdat deze het rustigste is.

Jammer genoeg krijg je op foto niet de indruk van de diepte die op sommige plaatsen meer dan 300m is.

Rechtsboven staat de camion wat toch een beetje een idee geeft van de omvang.

Er voert een mooie weg langsheen de rand van de canyon met op verschillende plaatsen viewpoints.

Ook hier weer staat alles in bloei:

Buiten de verschillende nationale parken heb je hier ook nog eens veel National Forest. Dit zijn grote stukken bos van meerdere honderden vierkante kilometers die je overal in het land tegenkomt. In tegenstelling tot thuis waar je bij wijze van spreken nog geen dennenknop meer mag meenemen en gemotoriseerd verkeer al helemaal uit den boze is staat hier het bos ter beschikking van de mensen. Wel allemaal met het nodige respect voor de natuur. Zo mag je enkel op de voorziene veldwegen rijden, als je kampeert moet je minstens 100m van een waterweg afblijven en natuurlijk dien je al je afval zelf te verwerken. Heel dat systeem valt of staat bij de gebruikers zelf maar de Amerikanen zijn hierin zeer gedisciplineerd en je komt dan ook nergens afval of wat dan ook tegen. In deze bossen kan je dan ook dagen rondtoeren en kom je op de meest afgelegen plekken terecht met prachtig natuurschoon rondom je. Zo toeren we een paar dagen rond in Gunnison National Forest.

De BBQ wordt nog eens aangestoken:

Crested Butte, een klein chique skioord genesteld tussen toppen tot 4000m. Hoe chiquer de buurt hoe minder er mag waardoor het vinden van een parkeerplaats een hele opgave wordt. Na het zoveelste bordje ´No Parking Any Time´ vinden we dan toch een plekje aan de rand van het dorp op wandelafstand van het centrum. We bezoeken er een plaatselijke distilleerderij en gaan er een hapje eten. In het bezoekerscentrum nemen we uit nieuwsgierigheid een paar vastgoed blaadjes mee. Wie dacht dat er bij ons belachelijke prijzen worden gevraagd voor een huis moeten zeker hier eens komen piepen. Het huis linksvoor de camion stond te koop voor een kleine 2Milj US$ (±1,54Milj €) en was zeker niet groter dan een gemiddelde gezinswoning van bij ons.

In het dorp houden we het al na één dag bekeken en trekken we de veel interessantere omgeving in die ook een onderdeel vormt van het Gunnison National Forest. Hier toeren we weer een paar dagen in rond en zien onze tweede beer op 60meter afstand van onze standplaats. Deze keer hebben we er geen foto´s van maar hebben we hem wel kunnen filmen.

Van Crested gaat het via de Cottonwood Pass (3700m) richting Buena Vista.

Boven op de Cottonwood Pass:

Overnachten doen we op een kleine parking van waaruit er verschillende wandelingen vertrekken richting een meertje. Die staan voor de volgende dag op het programma. Eerst proberen we een potje Amerikaans-thaise pasta te koken maar zonder succes tenzij je houdt van kleverige meelballen in je mond. De wandeling is wel een succes. Het is een stevige klim en we moeten hier en daar door de sneeuw ploeteren maar we geraken er deze keer wel door.

Aspen, het ski-mekka van de Amerikanen. En als we al dachten dat het in Crested Butte een chique bedoening was, hier is het zeker al goud wat blinkt. Privé-jets, dikke Corvetten met even dikke mensen erin, een hoop bekakt volk en ga zo maar door. Geen spek voor onze bek dus. We stoppen er dan ook niet want het zou toch onmogelijk zijn om een deftige parkeerplaats te vinden tussen de honderden bordjes ´No Parking any Time´. En de camion tussen een paar geparkeerde Ferarri´s wringen leek ons ook al geen goed idee.
De weg ernaar toe is wel weer de moeite waard en voert je wederom door prachtig berglandschap.

We proberen via de Hagerman Pass tot in Leadville te geraken maar dat blijkt een maat voor niets te zijn. Na 50km piste stuiten we op een poort met een flink slot erop. Blijkbaar is de pas nog steeds gesloten omwille van late sneeuwval. Het enige alternatief is via een omweg van 200km naar Leadville te rijden. Achteraf bekeken allemaal niet zo erg want de pistes lagen er zeer goed bij en het landschap was weer top.

Leadville ligt op een hoogte van 3100m en is daarmee het hoogste stadje in Colorado. Het is omgeven door een snoer van sneeuwbedekte vierduizenders waarbij de Mt Elbert met 4389m de hoogste berg is van de Rocky Mountains. Het is een rustig voormalig mijnwerkersdorpje wat helemaal niets wegheeft van de chique bedoening in Aspen.We parkeren de camion aan een klein baseballveld op wandelafstand van het centrum. We doen er nog wat inkopen en checken onze mails met de laatste info over onze verscheping. Van hieruit doen we een lus in het naburige Turqouise Lake Recreation Area.

Onze slaapplaats aan het baseball veldje:

De Turqouise Lake Recreation Area:

Een verlaten mijnschacht:

En dan.....de grote overtocht van west naar oost. Omdat we ons zelf toch een beetje reserve tijd willen gunnen vertrekken we op tijd aan deze laatste 3000km richting het oosten. Onze banden zitten op hun einde met een slijtage patroon wat meer weg heeft van een vierkant dan van een ronde band. Het resultaat is dat we bij een snelheid van 35Km/Hr het gevoel hebben dat we in een springkasteel zitten. Ook in onze tussenbak is er iets niet pluis. Dus redenen genoeg om op tijd te vertrekken moest er toch iets mis gaan.
Bij de overtocht doorkruisen we negen staten en moeten we tweemaal onze klok vooruit zetten. Het kost ons uiteindelijk een week om de hele afstand af te leggen.

Het is tornado-seizoen in Kansas en even dachten we dat we prijs gingen hebben:

We overschrijden de kaap van 90000Km:

We staan nu in Shenandoah NP wat op een kleine 200km van Baltimore af ligt. Het park ligt op een gemiddelde hoogte van 800m waardoor de nachten heerlijk koel zijn. We doen hier een paar wandelingen en genieten vooral van de rust.

We hebben nu een camping geboekt in Washington DC waarin we nog een paar dagen willen ronddolen. Van daaruit scheiden ons nog 70km van Baltimore. Eenmaal daar de camion afgeleverd rijden we met de bus naar New York  Hier willen we ook nog een paar dingen bezoeken voordat we in het vliegtuig springen richting Belgenland.
Hopelijk kunnen we de laatste kilometers met de camion zonder al te veel problemen afleggen, duimen maar :-).

Vorig verslag    Overzicht    Volgend verslag