04. Chili - Argentinië  Apr 2012:

Na het natuurpark Pumalin gaat het via Futaleufú terug richting Argentinië waar we een afspraak hebben met Oscar en zijn familie in Esquel. Oscar hebben we kennen geleerd via een goede vriend, we gingen normaal eventjes binnen springen om een goedendag te zeggen maar het is uiteindelijk een verblijf van bijna een week geworden waarbij we door Oscar flink in de watten zijn gelegd. We hebben een kamer met bad gekregen, zijn uitgenodigd geweest op een parade ter nagedachtenis van de Malvinas-oorlog, een hele koebil verorberd en de camion heeft een check-up gekregen.

Onze kamer:

De parade:

De koebil:

Oscar en zijn vrouw:

Oscar gracias por todo, hemos disfrutado de nuestra estancia.

De camion rookte de laatste tijd veel en ik had een vermoeden dat de injectoren misschien verstopt waren. Daar er bij het Argentijnse leger dezelfde vrachtwagens gebruikt worden hebben twee mecaniciens van het regiment de camion onder de loep genomen. De injectoren werden ter controle naar een dieselcentrum gebracht (bleken achteraf in orde te zijn), de kleppen geregeld en de brandstoffilters vervangen. Voor de rest kon er niets abnormaals vastgesteld worden, misschien is de kwaliteit van de Argentijnse diesel niet tiptop, we zien wel.

De mecaniciens Victor en Cecar, super toffe mannen. Mijn Spaans is er weer een klein beetje op vooruit gegaan en ik heb ´mate´leren drinken.

Van Esquel gaat het dan naar Park Alerces, dit staat bekend om zijn ´Alerces´- bomen die wel 2600 jaar oud kunnen worden en tot een diameter van vier meter. Inkom van het park was 50 ARS per persoon maar om eerlijk te zijn was het dit niet waard. Eerst en vooral moet je om een oud exemplaar te kunnen bewonderen nog een boot nemen van 140 ARS per persoon en kost de parking dan nog eens 15 ARS. We hebben er uiteindelijk eentje kunnen fotograferen van ....300 jaar oud.

El Bolsón, staat bekent om zijn overjaarse hippies die elke zaterdag een ambachtsmarkt houden in het centrum van de stad en de vele bierbrouwerijen.Omdat het nu paasweek of gelijk de Argentijnen het hier noemen ´Semana Santa´ is het heel de week markt. De markt is zeker het bezoeken waard als je van prullaria allerhande houdt.

Omdat het centrum net iets te lawaaierig was om te overnachten parkeren we de camion een aantal km buiten de stad in een doodlopende straat. Net voor het donker wordt komt er iemand vertellen dat het niet veilig is om hier te overnachten en we beter bij hem op zijn erf kunnen gaan staan voor 50 ARS, we bedanken vriendelijk en hebben voor de rest een rustige nacht

In Bariloche gaan we op de camping ´Petunia´ staan, zeker een aanrader. De was wordt nog eens gedaan en we maken er twee luie dagen van.

Tijdens de laatste nacht op de camping krijgen we nog bezoek van de campingpoes die niet echt op haar gemak was door de vele honden die er op het terrein rond liepen.

Van Bariloche gaat het via de route `7 Lagos` naar `San Martin de los Andes`. Aan de weg wordt er hard gewerkt en grote stukken zijn reeds geasfalteerd. Het nadeel van deze wegenwerken is dat er aan de ongeasfalteerde delen geen onderhoud meer gebeurt en die er dan ook barslecht bij liggen. Overnachten doen we een 50-tal km voor San Martin.

San Martin de los Andes is een bekend vakantieoord voor de welgestelde Argentijn en geeft een heel Europese indruk, gevolg is dan ook dat er weer verbodsborden verschijnen a la verboden te parkeren, verboden te vissen, verboden .... We vinden toch een plaatsje vlak aan het meer waar we een rustige nacht hebben.

In het dorp stond er nog een oude stoommachine die vroeger gebruikt werd voor de zaagmachines aan te drijven.

In San Martin doen we nog wat inkopen en trekken terug naar Chili via de grensovergang Mamuil Malal. Ik weet niet of ik het al eens vermeld had maar een nadeel van die grensovergangen zijn de voedselcontroles, het is namelijk verboden om verse producten Chili of Argentinië mee binnen te nemen. Reden hiervoor is dat ze zo trachten dingen a la `mond en klauwzeer`,  fruitvlieg, enz... buiten te houden, flauwe kul volgens mij, maar goed. Dus voor we aan de grens komen verstoppen we alle verse voedingswaren op een geheim plekje. Aan de grenspost dien je dan een papier in te vullen waarop je verklaart dat je al dan niet zulke producten bij hebt, wij vullen altijd `ja` in want ze komen steeds controleren en als ze iets vinden als je nee ingevuld hebt, hangen er hoge boetes boven uw hoofd. We laten steeds iets liggen wat we toch kunnen missen of al vervallen is maaaaaaaar tot nu toe zijn we ook altijd iets vergeten weg te leggen en dat heeft ons al een zak aardappelen, ajuinen, een pot honing en bijna mijne 3 kg-pot siroop gekost maar dat bleek achteraf dan toch geen probleem te zijn, oef.

Vlak voor de grens komen we nog terecht in een file, bleek weer één of andere stakingspost te zijn die de weg geblokkeerd had. We zijn wel niet te weten gekomen wat nu de reden was. Het heeft trouwens ook niet lang geduurd want na een half uurtje was de weg weer vrij gemaakt.

Tijdens de middag komen we Sylvia en Paul tegen die al 3,5 jaar onderweg zijn in Zuid-Amerika en die we in 2008 al eens ontmoet hadden op het Willy`s treffen in Wetzlar.

Ons slaapplaatsje vlak achter de grens Mamuil Malal:

In Chili trekken we nu door een gebied met veel vulkanen waarvan er nog enkele actief zijn.

De vulkaan `Lenin` (3776m):

De vulkaan `Villarica` (2840m), de zon werd deels verduisterd door de zwaveldampen, de omgeving kreeg daardoor een mooie rode schijn.

Aan de vulkaan `Llaima` (3125m) is er een heel natuurpark gewijd wat we zeker niet wilden missen. De laatste uitbarsting dateert van 2009.

Hieronder zie je duidelijk hoe de lava zich een weg gebaand heeft naar het dal met op de achtergrond de `Llaima`.

Zoek Cindy :-)

In de grondlagen kon men perfect zien wanneer dat er een uitbarsting was geweest, allé de experts toch, wij zagen alleen die donkere lagen.

Gestolde lavastenen:

De lava heeft op sommige plaatsen rivieren afgedamd waardoor er kleine meertjes zijn ontstaan:

Mooi om te zien hoe de natuur zich terug hersteld op die gesteenten.

Iets verder in het park vinden we een mooi plaatsje om te overnachten in een Auracia-bos, dit zijn bomen die tot 2000 jaar oud kunnen worden. Later op de avond worden we nog vergezeld door Laura en Heinrich die al drie jaar onderweg zijn waarvan 2 jaar in Afrika.

Het park heeft ook een aantal trektochten waarvan we er eentje doen richting de gletsjer tot op een kleine 2000m. De herfst begint hier ook stilletjes aan zijn intrede te doen. Hoe hoger dat we gingen hoe roder de kleuren werden. Voor de gletsjer te bereiken had je klimmateriaal nodig, we hebben nog een klein stuk geprobeerd maar hebben onze poging toch moeten staken omdat het te stijl en gevaarlijk werd

Door vulkaangebied rijden heeft zo zijn voordelen want elk dorp heeft hier zijn eigen termen die verwarmd worden door één of andere vulkaan. We hebben er zo eentje uitgekozen in Malalcanuello (probeer dat maar eens deftig uit te spreken). We arriveren er vrij laat op de dag en vragen of we op terrein mogen overnachten, geen probleem voor de eigenaar. De termen doen we de dag nadien, niet goedkoop maar wel eens leuk voor te doen, het zwavelhoudende water had een constante temperatuur van 38´, het omliggende park met op de achtergrond de vulkaan, was ook meer dan de moeite.

Chili heeft eigenlijk maar één grote autostrade en dat is de E5 (Panamerica) die het noorden met het zuiden verbindt. Als je die E5 moet nemen geven de wegwijzers geen plaatsnamen aan maar enkel ´El Norte` of ´EL Sur´. De weg is verdeeld in verschillende districten waarbij je bij iedere overschrijding tol dient te betalen, bij elke afrit wordt er dan nog eens een klein bedrag gevraagd; dat steeds hetzelfde is onafhankelijk van waar je eraf rijdt. We stoppen onderweg even bij de watervallen ´Salta del Laja´.

Op zoek naar een slaapplaats parkeren we de camion achter een klein ´wegrestaurant´ langs de N50. We hadden de camion nog maar net stilgelegd of we krijgen bezoek van Nicolas die de eigenaar blijkt te zijn van het wegrestaurant, we vragen in ons beste Spaans of we hier mogen overnachten. Geen probleem, we krijgen nog een rondleiding in zijn restaurant, waar hij zelf het brood bakt in een oven gemaakt van klei en stro; geeft ons twee broodjes en wat fruit en nodigt ons uit om morgen te komen ontbijten. We hebben een rustige nacht en de dag nadien worden we verwend met vers brood, een gebakken eitje en maken we nog kennis met de ouders van Nicolas. Eigenlijk zijn dit de eerste Chilenen die we ontmoeten die echt vriendelijk zijn. Er is een groot contrast tussen de Chilenen en de Argentijnen en dat merk je al als je onderweg bent, Argentijnen beginnen al van ver op je te wuiven en komen bij elke halte vragen van waar je komt (Belgica weet hier by the way niemand liggen); Chilenen kijken meestal nors en zijn niet echt geïnteresseerd in jou. In Chili hebben we ook de indruk dat er niet echt een middenklasse bestaat, ofwel zijn de mensen rijk en rijden ze met een dikke bak ofwel zijn ze arm en hebben ze hier geen nagel om aan hun gat te krabben en dus ook niet echt een reden om te lachen. Nicolas en zijn ouders vormen hierop een uitzondering, zij verdienen hun geld met het restaurant en de verkoop van ´Chicha` (zelf geperst druivensap) en weten hiermee redelijk goed rond te komen. We kopen nog een fles Chicha en bedanken Nicolas en zijn ouders voor hun warme ontvangst.

Overal waar je stopt krijg je direct bezoek van zwerfhonden, voor ons dierenvrienden niet altijd even gemakkelijk want we zouden ze allemaal willen meenemen.

We zijn ondertussen weer aan de Chileense kust belandt en doen een tussenstop aan een natuurlijke kathedraal.

Talca, een stad met 250.000 inwoners en niet direct een plaats om wauw tegen te zeggen maar onze berg vuile was nam weer enorme proporties aan dus moesten we hier wel een paar dagen halt houden. Niet ver van het centrum vinden we een wassalon maar een slaapplaats is een ander paar mouwen, alle huizenblokken zijn hier afgemaakt met meters hoog hekwerk, rond elk huis staat er dan ook nog eens hekwerk en sommige van die huizen hebben voor hun venster hekwerk, zou het hier niet veilig zijn? Na wat rondvragen in de buurt mogen we de camion parkeren binnen de hekken van zo´n huizenblok, ´s nachts krijgen we wel bezoek van de politie vergezeld van één van de buren om te vragen wat wij daar doen. Uitgelegd dat we toestemming hadden van een paar buren, onze nummerplaat werd opgeschreven en we moesten zeggen hoe lang dat we daar bleven staan. Voor de rest was het geen probleem en hadden we een rustige nacht. Het centrum van Talca wordt opgefleurd met massa´s graffiti, oude shopping centrums worden hier niet gerenoveerd men bouwt iets verder gewoon een nieuw, plaatsgebrek is hier nog geen issue.

We doen nog wat inkopen in Talca en trekken dan richting het park ´Siete Tazas` wat zoveel betekent als zeven kopjes en slaat op één van de watervallen in het park die in zeven kommen naar beneden komt. De weg ernaar toe is weer eens verschrikkelijk, zeker het laatste stuk gaat kilometers stijl omhoog met putten en uitstekende rotsen. Aangekomen aan de ingang van het park vertelt men ons doodleuk dat de watervallen dicht zijn, geen water zo blijkt, hadden ze dat niet aan het begin van die piste (40km) kunnen vertellen. We moeten genoegen nemen met een kleinere waterval (hier de bruidsluier genoemd) iets voor de ingang van het park.

Slapen doen we langs een rivier net na de piste.

Onderweg een gekieperde camion, niet gek met die mannen hunne rijstijl. Ik moet wel toegeven dat ik hier rijd gelijk een oud peke, maar de camion chauffeurs zijn dan weer het andere uiterste, we zijn hier al ingehaald geweest op plekken dat ik dacht, dit komt nooit goed. Bij momenten moet ik hier alles dicht smijten of ze rijden ons gewoon van de baan.

Meters hoge golven, lange zandstranden, we zitten weer aan de Pacific niet ver van de hoofdstad Santiago, een kuststrook die heel geliefd is bij de rijken van Santiago. Voor ons al rust wat telt, geen straatventers, geen dure parkeertickets, het is immers herfst en de stranden liggen er nu verlaten bij.

´s Morgens liggen er alweer twee nieuwe vrienden langs de camion, meestal geven we ze wat restjes maar het nadeel is dat ze dan geen centimeter meer van u zijde wijken. Het is ook niet anders bij deze twee, eerst vergezellen ze ons bij de strandwandeling, daarna wordt de politiedemo grondig verstoord door achter de moto´s aan te crossen, kuieren we samen gezellig door het dorp om uiteindelijk te belanden aan de camion met nog een derde vriend. We schenken ze niet meer teveel aandacht; na een uurtje houden ze het voor bekeken en gaan ze met z´n allen op het strand liggen zonnen.

Volgende halte aan de Pacific is El Quisco, weeral mooie stranden en een gezellige binnenstad. Slapen doen we vlak bij het zeetje, met op de achtergrond het geluid van de inslaande golven.

Valparaiso, een stad die we zeker moesten bezoeken maar draait dat effe anders uit. Na een kilometers lange afdaling over de route 68 kom je terecht in het centrum van de stad, het verkeer in de steden is altijd chaos, claxonnerende bussen, taxi´s die nog snel effe de camion willen passeren, scooters die uit het niets opduiken en voetgangers die op leven en dood de straat oversteken. Valparaiso was daarop geen uitzondering ware het niet dat er plots vanuit de verte minstens duizend jongeren in onze richting kwamen lopen, achterna gezeten door een hele meute politie, hier is precies stront aan de knikker. We konden geen kant op, stonden in de file gewrongen tussen toeterende bussen en konden alleen maar hopen dat dit goed ging komen. We sluiten langzaam aan in de file en banen ons een weg door de woelige menigte, vele van hen dragen gasmaskers en het duurt niet lang voordat ook onze ogen beginnen te tranen, snel de vensters dicht draaien. Heel de weg ligt bezaaid met stenen en verf in alle kleuren, in de straten parallel aan de onze is het niet beter, ook daar zien we massa´s jongeren in alle richtingen rennen, niet ver voor onze camion wordt er één van de heethoofden flink aangepakt door de politie, ik denk dat Valpariaso voor een andere keer gaat zijn. Na een dik uur geraken we uiteindelijk zonder kleerscheuren uit de stad en rijden we naar Vina del Mar een kleine 10km verder waar het zonnetje schijnt, mensen slenteren op de dijk en er helemaal geen vuiltje aan de lucht is. Blij dat we niet het mikpunt zijn geworden van één of ander heethoofd, trakteren we ons ´s avonds op een lekker etentje in een Mexicaans restaurant.

Santiago, 7.000.000 inwoners, hét centrum van Chili, daar moet je natuurlijk geweest zijn. Een grote stad bezoeken is meestal leuk maar het verkeer, een veilige standplaats vinden en de vele kilometers die je te voet aflegt om toch maar een klein stukje van de stad te kunnen zien maken zo´n bezoek vermoeiend. Parkeren doen we buiten het centrum in een chiquere wijk (moet ook wel met zo´n klasse bak als den onze), overdag is er bewaking en ´s nachts liggen we in de camion, perfect dus. In de stad gaan we op zoek naar een paar reserve oliefilters. Ik had er wel wat meegenomen maar aan de kilometers die we hier doen denk ik niet dat we gaan toekomen, een beetje reserve kan nooit kwaad. Eerst bij de grote verdeler van Mercedes aangeklopt maar die had er geen, doorgestuurd naar een tractorhandelaar maar die had er ook geen, doorgestuurd naar de Bosch-verdeler en ge raadt het al, die had er ook geen om uiteindelijk te belanden bij een kleine filterspecialist; die na wat zoeken op zijn PC-tje; er twee had liggen, wel niet van Bosch maar het waren identiek dezelfde. De rest van de dag crossen we van de ééne bezienswaardigheid naar de andere om te eindigen in een mega plensbui op weg naar de camion.

We hebben het even gehad met de drukte van de steden en trekken terug richting de grens met Argentinië. Op het programma staat de drukste grensovergang (3200m hoogte) tussen Chili en Argentinië die op de verbindingsas ligt tussen beide hoofdsteden. We gaan het geweten hebben, door de hevige regenval van gisteren en natuurlijk sneeuwval op grotere hoogte is de grens gesloten en komen we terecht in een gigantische file. Vandaag gaat het niet meer lukken en overnachten we op een kleine parking niet ver van de weg. ´s Nachts worden we gewekt door het af en aan rijden van vrachtwagens, een teken dat de grens weer open is. ´s Morgens trekken we met goede moed de Andes in om op een kleine 5km voor de grens terug in een file te belanden, we schuiven een klein uurtje mee aan tot een agent ons teken doet dat we mogen door rijden, de file is enkel voor de vrachtwagens die aan Chileense zijde hun douane formaliteiten moeten regelen. Voor particulieren wordt alles geregeld aan Argentijnse zijde, je moet het maar weten. Het kost ons uiteindelijk nog eens 5 uur eer dat we de grens over zijn, tegen 20Hr vinden we uiteindelijk een slaapplaatsje in Potrerillos, vlak aan het meer.

Vorig verslag    Overzicht    Volgend verslag